FR
Identification
        
Delen |
De Wet betreffende de rechten van vrijwilligers

01/02/2006

Heel wat Belgen wijden zich tijdens hun vrije tijd, vrijwillig en onbaatzuchtig aan de anderen om tegemoet te komen aan sociale behoeften die niet worden ingevuld door de privé-sector of door de overheid. Vrijwilligerswerk wordt gekenmerkt door uitvoering van werk zonder dat daar een loon tegenover staat, zonder dat er enige verplichting is en dat ook werk is dat gepresteerd wordt buiten de normale familie- of vriendenkring.

De Wet van 3 juli 2005 betreffende het vrijwilligerswerk is verschenen in het Belgisch Staatsblad van 29 augustus 2005. Deze wet regelt met name de aansprakelijkheid en de verzekering van de vrijwilligers, de sociale en fiscale behandeling van hun vergoedingen en de rechtszekerheid van de uitkeringsgerechtigden die vrijwilligerswerk willen doen.

Deze wet regelt zowel vrijwilligerswerk op Belgisch grondgebied als vrijwilligerswerk buiten België voor zover de activiteit georganiseerd wordt vanuit België en op voorwaarde dat de vrijwilliger zijn hoofdverblijfplaats heeft in België.

De wet betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers is niet van toepassing op vrijwilligerswerk. Wat dat betreft moet er nog een koninklijk besluit worden uitgevaardigd.

De wet definieert vrijwilligerswerk als elke activiteit die:

a) onbezoldigd en onverplicht wordt verricht;

b) die verricht wordt ten behoeve van een of meer personen, andere dan degene die de activiteit verricht, van een groep of organisatie of van de samenleving als geheel;

c) die ingericht wordt door een organisatie anders dan het familie- of privé-verband van diegene die de activiteit verricht;

d) en die niet door dezelfde persoon en voor dezelfde organisatie wordt verricht in het kader van een arbeidsovereenkomst, een dienstencontract of een statutaire aanstelling.

De wet schrijft bovendien ook voor dat de vrijwilliger alvorens zijn activiteiten aan te vangen een organisatienota moet krijgen van de organisatie waarin ten minste worden gepreciseerd:

a) de sociale doelstelling en het juridisch statuut van de organisatie; indien het gaat om een feitelijke vereniging, de identiteit van de verantwoordelijke(n) van de vereniging;

b) dat de organisatie een verzekeringscontract voor burgerlijke aansprakelijkheid gesloten heeft voor het vrijwilligerswerk zoals bedoeld in artikel 6 §1;

c) of andere aan het vrijwilligerswerk verbonden risico's gedekt worden en zo ja, welke risico's;

d) of de organisatie vergoedingen betaalt aan de vrijwilligers en zo ja, welke en in welke gevallen;

e) dat de activiteiten inhouden dat de vrijwilliger geheimen kan vernemen ten aanzien waarvan hij gehouden is tot de geheimhoudingsplicht, bedoeld in artikel 458 van het Strafwetboek, waarbij dat integraal wordt overgenomen.

De bewijslast inzake het bezorgen van de organisatienota berust bij de organisatie en zij mag de vrijwilliger vragen een gedateerd exemplaar van de organisatienota te ondertekenen.

 

Welke activiteiten?

Het gaat om activiteiten die in verband met sociale, culturele of sportinitiatieven van een club, verbond, vereniging, instituut of overheid worden uitgeoefend: ontvangst en begeleiding van zieken, bejaarden, kinderen, sociaal minder begunstigden, bescherming van het milieu, organisatie en deelname aan sportwedstrijden en sociale en culturele gebeurtenissen, eerst hulpverlening aan slachtoffers van ongevallen, rampen, conflicten...

 

Wie mag vrijwilligers inschakelen?

Het vrijwilligerswerk moet worden uitgevoerd voor rekening van een club, vereniging, verbond, instelling zonder winstoogmerk, openbare dienst. Hiermee worden rechtspersonen bedoeld zoals vzw, mutualiteiten, een openbare dienst of instelling van openbaar nut, een gemeente, een OCMW, alsook de verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid (feitelijke verenigingen en groeperingen) voor zover die geen winstgevende activiteit uitoefenen. De organisaties die winst nastreven en individuele privé-personen komen niet in aanmerking, tenzij de laatstgenoemden een beroep doen op vrijwilligerswerk via een club, verbond, vereniging, instelling of de overheid.

Wie mag vrijwilligerswerk uitvoeren?

De vrijwilliger is een natuurlijk persoon die onbezoldigd en belangeloos arbeid verricht binnen een georganiseerde of gereglementeerde structuur.

De wet zegt dat tegen de voorwaarden bepaald door de Koning, de toekenning van vergoedingen voor vrijwilligerswerk geen beletsel is voor de toekenning van het leefloon, kinderbijslagen, uitkeringen voor hulp aan bejaarden, en het gewaarborgd inkomen aan bejaarde personen.

De wet regelt bovendien de voorwaarden tegen welke personen die een uitkering genieten een vrijwilligerswerk mogen doen alsook de cumul tussen de uitkeringen en de vergoedingen die zij uit deze activiteit puren.

De personen die werkloosheidsuitkeringen ontvangen kunnen tegen bepaalde voorwaarden vrijwilligerswerk verrichten. Een werkloze mag na voorafgaande aangifte aan het werkloosheidsbureau kosteloos voor een derde vrijwilligerswerk verrichten met behoud van uitkering wanneer die derde een openbare dienst is, een instelling van openbaar nut, een onderwijsinstelling, ingericht, erkend of gesubsidieerd door een gemeenschap, een cultureel centrum, een jongerentehuis of een vereniging zonder winstoogmerk.

De directeur kan het vrijwilligerswerk met behoud van uitkering verbieden of zijn akkoord verbinden aan beperkingen als hij het bewijs levert dat de tewerkstelling een verminderde beschikbaarheid van de werkloze op de arbeidsmarkt inhoudt of wanneer de omvang of de frequentie van het werk helemaal niet meer laten denken dat het om vrijwilligerswerk gaat, zoals geregeld door de wet of gewoon om werk dat door vrijwilligers in het verenigingsleven wordt gepresteerd..

Deze beslissing moet worden genomen binnen de termijn van 2 weken te rekenen vanaf de ontvangst van de volledige aangifte. Wanneer er binnen die termijn niet wordt gereageerd, wordt de uitoefening van de kosteloze activiteit met behoud van de steun, geacht aanvaard te zijn.

Elke andersluidende beslissing genomen na die termijn heeft slechts uitwerking in de toekomst, behalve indien het werk niet kosteloos werd verricht.

Dezelfde regels zijn van toepassing op de bruggepensioneerden en op de halftijds bruggepensioneerden.

Voor wat betreft de werknemers die arbeidsongeschikt zijn, wijzigt de wet die betreffende de verplichte verzekering gezondheidszorgen en uitkeringen door toevoeging van het volgende artikel:

"Vrijwilligerswerk in de zin van de Wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van de vrijwilligers, wordt niet beschouwd als een activiteit op voorwaarde dat de geneesheer-adviseur vaststelt dat deze activiteit verenigbaar is met de algemene gezondheidstoestand van de belanghebbende."

 

Wat zegt de wet over de aansprakelijkheid?

Op gebied van de regeling van de aansprakelijkheid en van de verzekering, is de organisatie aansprakelijk voor de schade die door de vrijwilliger aan derden wordt berokkend bij de uitvoering van het vrijwilligerswerk. De vrijwilliger zal dus slechts aansprakelijk zijn voor zijn eigen bedrog of zware fout. Hij zal dus slechts aansprakelijk zijn voor zijn lichte fout wanneer deze fout eerder gewoonlijk voorkomt.

De persoon die de organisatienota zal ondertekenen, zal, zonder mogelijkheid van tegenbewijs, geacht zijn geen lid te zijn van de organisatie.

De organisaties zijn verplicht hun vrijwilligers te verzekeren tegen burgerlijke aansprakelijkheid. Vroeger waren alleen sommige organisaties verplicht hun vrijwilligers te verzekeren en zulks om te kunnen erkend of gesubsidieerd te worden.

De verzekering "gezinsaansprakelijkheid" zal hun tegemoetkoming niet meer kunnen uitsluiten voor schade berokkend in de uitvoering van het vrijwilligerswerk.

De verzekering die door de organisatie wordt afgesloten, beschermt niet alleen de vrijwilliger, maar ook de organisatie zelf tegen zware schadeclaims.

Een koninklijk besluit zal de dekking verleend door het verzekeringscontract kunnen uitbreiden tot de lichamelijke letsels opgelopen door de vrijwilligers en tot de juridische bescherming.

In de Pw van 27-12-2005 is er is voorzien dat de Koning kan de dekking vanhet verzekeringscontract uitbreiden tot de ziekten opgelopen als gevolg van de vrijwillige activiteit.

Relatie tussen de vrijwilliger en de persoon voor wiens rekening de activiteit wordt verricht

De vrijwilligers worden niet beschouwd als loontrekkenden want een van de essentiële elementen van de arbeidsovereenkomst ontbreekt: het loon. Er is geen enkele beroepsrelatie tussen de vrijwilliger en de organisatie. Toch wordt in de meeste gevallen het vrijwilligerswerk in een positie van ondergeschiktheid verricht.

Zodoende zijn sommige bepalingen van het arbeidsrecht van toepassing. Het zijn die waarvan het toepassingsgebied werd uitgebreid tot de personen die niet in het kader van een arbeidsovereenkomst arbeid verrichten onder het gezag van een ander persoon.

Het zijn de arbeidsreglementering (werk op zondag, arbeidsduur, ...), de feestdagen, gelijkheid tussen mannen en vrouwen, bescherming tegen pesten en ongewenst seksueel gedrag op het werk, het welzijn op het werk, het algemeen reglement voor arbeidsbescherming, ...

Maar opgelet, telkens vrijwilligerswerk wordt verricht in dienst van de Staat of van een openbare instelling, is het ambtenarenrecht van toepassing.

De wet zegt dat de Koning de vrijwilligers geheel of gedeeltelijk kan onttrekken aan het toepassinggebied van:

- de Arbeidswet van 16 maart 1971;

- de Wet van 4 januari 1974 op de feestdagen;

- de Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers op het werk;

- de Wet van 8 april 1965 tot invoering van de arbeidsreglementen;

- de Wet van 5 december 1968 op de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités;

- het Koninklijk Besluit nr. 5 van 23 oktober 1968 betreffende het bijhouden van de sociale documenten.

 

Vergoeding - Bedrag - Sociaal en fiscaal regime

De vrijwilligers die werken in een organisatie worden niet als loontrekkenden beschouwd. Vrijwilligerswerk is dan wel per definitie onbezoldigd, maar dat belet niet dat de vrijwilliger de werkelijke kosten die hij gemaakt heeft in het kader van die activiteit, terugbetaald krijgt.

De vergoedingen die worden uitgekeerd als terugbetaling van kosten gemaakt door de vrijwilliger, zijn belastbaar noch voor hem, noch voor de organisatie voor zover het totaal bedrag van de ontvangen vergoedingen niet hoger ligt dan 24,79 € per dag, 600 € per kwartaal en 991,57 € per jaar (te indexeren bedragen).

Die vergoedingen worden beschouwd als terugbetaling van kosten die de begunstigden gemaakt hebben in het kader van een of andere activiteit, waaraan, zo mag men stellen, zij hun vrije tijd besteden zodat het niet kan gaan om beroepsinkomsten.

Zo gaat het om de kosten van de verplaatsingen met een eigen of gemeenschappelijk vervoermiddel tussen de woning van de vrijwilliger en de zetel van de organisatie of de plaatsen die verband houden met de activiteit van de vereniging (competities, conferenties, manifestaties, ...) de verblijfskosten (eten en drank), alle andere kosten waarvoor gewoonlijk geen bewijsstukken worden voorgelegd (klein materieel, telefoon, fax, briefwisseling, gebruik van internet, ...).

Zodoende zal de vrijwilliger de realiteit van deze kosten niet moeten bewijzen, op voorwaarde dat de vergoedingen de bovengenoemde bedragen niet overschrijden.

Grotere bedragen dan de forfaitaire bedragen kunnen als vergoeding worden toegekend, op voorwaarde dat het realiteit en het bedrag van de kosten wordt bewezen met bewijskrachtige documenten. Indien dat bewijs niet wordt geleverd, dan zijn de gewone fiscale en sociale inhoudingen van kracht. De persoon die dat werk verricht zal dan immers niet meer kunnen worden beschouwd als een vrijwilliger.

Voor het dienstjaar 2006 zijn de vrijgestelde bedragen 27,92 € per dag of 1.116,71 € per jaar (2005: 26,83 € per dag of 1.073,28 € per jaar).

Opgelet: er is onderwerping van zodra een van die twee bedragen wordt overschreden!

De wet treedt in voege op 1 februari 2006. De organisaties die op die datum vrijwilligers tewerkstellen kunnen op hun diensten een beroep blijven doen voor zover zij binnen de zes volgende maanden voldoen aan de voorwaarden van de wet.

  

Geef uw e-mailadres en blijf op de hoogte van onze activiteiten en de laatste nieuwigheden.

Indexcijfer

Maandelijks overzicht van de loonaanpassingen

> Alle overzichten

Onlinetools

> Alle onlinetools

Onlinedocumenten

> Alle onlinedocumenten

Nuttige adressen

> Alle nuttige adressen

Partners

> Alle partners


Siteplan | Gebruiksvoorwaarden | Privéleven | Contacten        Groep S 2009